politiek

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • po·li·tiek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord politiek -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

politiek v

  1. datgene dat gerelateerd is aan het besturen van een land, bestuur
    Ik heb geen vertrouwen meer in de politiek.
  2. beleid (van een regering)
  3. manier van optreden, handelwijze
  4. de gezamenlijke politici
Verwante begrippen
Hyponiemen
Vertalingen

Meer informatie


stellend vergrotend overtreffend
onverbogen politiek politieker politiekst
verbogen politieke politiekere politiekste

Bijvoeglijk naamwoord

politiek

  1. betreffende de politiek
    Sinn Fein is de politieke vleugel van de IRA.
    De nationalistische ideologie werd in Noord-Afrika na de Eerste Wereldoorlog de belangrijkste intellectuele en politieke stroming.
  2. tactisch
Verwante begrippen

behendig, parlementair, sluw, staatkundig, geslepen, listig

Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl