parlementair
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- par·le·men·tair
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | parlementair | parlementairen parlementairs |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
parlementair m
- (politiek) onderhandelaar tijdens een oorlog
- (politiek) parlementslid
Vertalingen
1.
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | parlementair |
| verbogen | parlementaire |
Bijvoeglijk naamwoord
parlementair
- (politiek) betrekking hebbend op een onderhandelaar
- (politiek) met betrekking tot een parlement
- wij zijn benieuwd wat het parlementair onderzoek naar de gevolgen van de privatiseringen en verzelfstandiging van vroegere overheidsdiensten oplevert
- beleefd, omzichtig
Afgeleide begrippen
Antoniemen
Vertalingen
1.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.