ordinair

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • or·di·nair
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen ordinair ordinairder ordinairst
verbogen ordinaire ordinairdere ordinairste

Bijvoeglijk naamwoord

ordinair

  1. gewoon, alledaags, normaal.
  2. vulgair, onbeschaafd.
Antoniemen
ongewoon
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Andere talen