beschaafd
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·schaafd
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | beschaafd | beschaafder | beschaafdst |
| verbogen | beschaafde | beschaafdere | beschaafdste |
Bijvoeglijk naamwoord
beschaafd
- net en goed opgevoed
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Antoniemen
-
- De beschaafde jongen gaf zijn plaats in de bus aan de oudere man.
Vertalingen
1. net en goed opgevoed
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| beschaven |
beschaafd
- voltooid deelwoord van beschaven