netjes

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • net·jes
Woordherkomst en -opbouw
  • Afleiding van net met het achtervoegsel -jes dat er een bijwoord van maakt.
stellend
onverbogen netjes
verbogen (alleen
predicaat)

Bijvoeglijk naamwoord

netjes dim. tant.

  1. tot netheid geneigd
    Zij is altijd al erg netjes geweest.

Bijwoord

netjes

  1. op een nette manier
    Hij heeft zijn kamer netjes opgeruimd.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen