mannelijk
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | mannelijk | mannelijker | mannelijkst |
| verbogen | mannelijke | mannelijkere | mannelijkste |
Woordafbreking
- man·ne·lijk
Bijvoeglijk naamwoord
mannelijk
- met betrekking tot een man, kenmerkend voor een man
- Mannelijke dadendrang.
- (grammatica) behorend tot het woordgeslacht dat vrouwelijk noch onzijdig is
- Kerel, hond en eik zijn mannelijke woorden in het Nederlands.
Vertalingen
1. met betrekking tot een man