kogel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ko·gel
enkelvoud meervoud
naamwoord kogel kogels
verkleinwoord kogeltje kogeltjes

Zelfstandig naamwoord

kogel m

  1. loden projectiel gevuld met buskruit dat gebruikt wordt als munitie van een wapen
  2. rond of cilindervormig projectiel met spitse punt dat uit een vuurwapen wordt geschoten
  3. zware metalen bal die gebruikt wordt bij het kogelstoten
  4. stalen bol, vooral gebruikt in kogellagers e.d
  5. in meest algemene zin een bol
  6. (biologie) het uitwendige gewricht tussen pijp- of schuurbeen en kootbeen van een paard of rund
  7. dijspier van een slachtdier
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen


Meer informatie