kapot

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ka·pot
Woordherkomst en -opbouw
  • Van het Duitse kaputt, dat op zijn beurt is ontleend aan ofwel het Franse capot ofwel het Hebreeuwse kaparôt. Een derde verklaring is dat het een verkorting is van de Middeleeuws Latijnse uitdrukking caput essere ("onbruikbaar/onnodig worden"); in feite zou kapot dan hetzelfde woord zijn als het Latijnse caput.
stellend
onverbogen kapot
verbogen kapotte

Bijvoeglijk naamwoord

kapot

  1. gebroken (van glas, porselein enz.)
    Tja, als je dat glas laat vallen is het kapot.
  2. niet meer goed functionerend
    Mijn computer is kapot.
  3. (informeel) erg verdrietig of geschokt
    Ik was er kapot van.
  4. (informeel) erg moe
Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
Vertalingen

Meer informatie