maken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ma·ken
Woordherkomst en -opbouw
|
|
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| maken |
maakte |
gemaakt |
| zwak -t | volledig | |
Werkwoord
maken
- (overgankelijk) in elkaar zetten
- Hij was een houten meubel aan het maken.
- (overgankelijk) ervoor zorgen dat iets weer werkt
- De jongen vroeg aan zijn vader of die zijn trein kon maken.
- (overgankelijk) optellen tot een bepaald bedrag
- Dat maakt dan zes euro en tien cent.
Synoniemen
- [1] construeren, fabriceren
- [2] repareren
Uitdrukkingen en gezegden
- [1]: het niet kunnen maken
Frase
Vertalingen
1. in elkaar zetten
2. ervoor zorgen dat iets weer werkt
het niet kunnen maken
|
- Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.
1.