dalen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- da·len
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| dalen |
daalde |
gedaald |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
dalen
- (ergatief) naar beneden gaan
- Het waterpeil is enigszins gedaald.
Vertalingen
1. naar beneden gaan
Zelfstandig naamwoord
dalen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord dal