zeepdoos
Uiterlijk
. |
(midden en rechts) |
- zeep·doos
- samenstelling van zeep en doos
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zeepdoos | zeepdozen |
| verkleinwoord | zeepdoosje | zeepdoosjes |
- een kartonnen doos waarin zeeppoeder bewaard wordt
- Ik moet even naar de supermarkt want mijn zeepdoos is leeg.
- een klein metalen of kunststoffen doosje waarin een stuk zeep drooggehouden wordt
- Heb je een zeepdoosje voor me voor in mijn toilettas?
- Het woord zeepdoos staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "zeepdoos" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
