zaagmeel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zaag·meel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zaagmeel -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

zaagmeel o

  1. fijn zaagsel
    • Het zaagmeel waaide op in de wind. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

79 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen