waarderen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • waar·de·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
waarderen
waardeerde
gewaardeerd
zwak -d volledig

Werkwoord

waarderen

  1. (overgankelijk) op waarde schatten
  2. (overgankelijk) op prijs stellen, appreciëren
    Dat werd bijzonder gewaardeerd.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl