verweer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·weer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord verweer verweren
verkleinwoord verweertje verweertjes

Zelfstandig naamwoord

verweer o [2]

  1. verdediging, tegenstand
Synoniemen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
verweren

verweer

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verweren
    Ik verweer.
  2. gebiedende wijs van verweren
    Verweer!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verweren
    Verweer je?
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal