tussenwerpsel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tus·sen·werp·sel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tussenwerpsel tussenwerpsels
verkleinwoord tussenwerpseltje tussenwerpseltjes

Zelfstandig naamwoord

tussenwerpsel o

  1. (grammatica) een uitroep, een woord, een frase of een zin die een expressie van emotie is
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

87 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie