Naar inhoud springen

syre

Uit WikiWoordenboek
  • syre
  • Werkwoord: Afkomstig van het Noorse zelfstandige naamwoord woord syre
  • Zelfstandig naamwoord [A]: Afkomstig van het Oudnoordse woord  sýrae zn  en van het woord syre (zure wei) uit een Noorse streektaal
  • Werkwoord en zelfstandig naamwoord [B]: Afkomstig van het Oudnoordse naamwoord súra.
vervoeging
onbepaalde wijs syre syre
tegenwoordige tijd syrer syrer
verleden tijd syret syrte
voltooid
deelwoord
syret syrt
onvoltooid
deelwoord
syrende syrende
lijdende vorm syres syres
gebiedende wijs syr syr
vervoegingsklasse Klasse 1 zwak Klasse 2 zwak
opmerking optioneel optioneel

syre

  1. overgankelijk, (scheikunde) etsen (met zuur)
  2. overgankelijk verzuren, zuren, zuur maken


m/v
[A+B]
enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   syre     m: syren
v: syra  
  syrer     syrene  
genitief   syres     m: syrens
v: syras  
  syrers     syrenes  

[A]: syre, m / v

  1. (scheikunde) zuur
    «En syre farger blå lakmus rød.»
    Een zuur kleurt blauw lakmoes rood.
  2. (scheikunde) zuursel

[B]: syre, m/v

  1. (plantkunde) een plant met eetbare zurige bladeren, in het bijzonder uit het plantegeslacht zuring (Rumex op Wikispecies)


  • syre
  • Werkwoord: Afkomstig van het Nynorske zelfstandige naamwoord woord syre
  • Zelfstandig naamwoord [A]: Afkomstig van het Oudnoordse naamwoord sýra en van het woord syre (zure wei) uit een Noorse streektaal.
  • Werkwoord en zelfstandig naamwoord [B]: Afkomstig van het Oudnoordse naamwoord súra.
vervoeging
onbepaalde wijs syre
syra
syre
syra
tegenwoordige tijd syrar syrar
syrer
verleden tijd syra syrte
voltooid
deelwoord
syra syrt
onvoltooid
deelwoord
syrande syrande
lijdende vorm syrast syrast
gebiedende wijs syr
syra
syre
syr
vervoegingsklasse Klasse 1 zwak Klasse 2 zwak
opmerking optioneel optioneel

syre

  1. onovergankelijk, (scheikunde) etsen (met zuur)
  2. onovergankelijk zuur maken
  3. onovergankelijk rotten, verrot riechen
  • [2]: syre søtmjølk
zoet melk zuren


[A+B] enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   syre     syra     syrer     syrene  

[A]: syre, v

  1. (scheikunde) zuur
    «Ei syre fargar blå lakmus raud.»
    Een zuur kleurt blauw lakmoes rood.

[B]: syre, v

  1. (plantkunde) een plant met eetbare zurige bladeren, in het bijzonder uit het plantegeslacht zuring (Rumex op Wikispecies)