stable

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
  • IPA: /ˈsteɪ.bəl/
enkelvoud meervoud
stable stables

Zelfstandig naamwoord

stable

  1. stal; in het algemeen gebruikt voor paardenstal
stellend vergrotend overtreffend
stable stabler
more stable
stablest
most stable

Bijvoeglijk naamwoord

stable

  1. stabiel
Antoniemen
vervoeging
onbepaalde wijs to stable
he/she/it stables
verleden tijd stabled
voltooid
deelwoord
stabled
onvoltooid
deelwoord
stabling
gebiedende wijs stable

Werkwoord

stable

  1. stallen



Frans

Uitspraak
  enkelvoud meervoud
  mannelijk  /
  vrouwelijk  
stable stables

Bijvoeglijk naamwoord

stable

  1. stabiel
Antoniemen