stallen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stal·len
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
stallen
stalde
gestald
zwak -d volledig

Werkwoord

stallen

  1. (overgankelijk) een rijdier of voertuig na gebruik onderbrengen in een beschutte ruimte (stal, garage, remise)
    Bij welke manege heb je je paard gestald?
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

stallen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord stal
Vertalingen