scheikundige
Uiterlijk
- schei·kun·di·ge
- Afgeleid van scheikundig met het achtervoegsel -e
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | scheikundige | scheikundigen |
| verkleinwoord |
- (beroep) (scheikunde) een wetenschapper die de scheikunde beoefent
scheikundige
- verbogen vorm van de stellende trap van scheikundig
- Het woord scheikundige staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "scheikundige" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Achtervoegsel -e in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beroep in het Nederlands
- Scheikunde in het Nederlands
- Bijvoeglijknaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %