schare

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • scha·re
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schare scharen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

schare v/m

  1. een mensenmenigte
    Er stond een schare supporters voor de deur.
Hyponiemen

Werkwoord

vervoeging van
scharen

schare

  1. aanvoegende wijs van scharen
    Dit is het vaandel waarachter men zich schare.
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. etymologiebank.nl


Middelnederlands

Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

  1. legereenheid, groep
Overerving en ontlening
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl