road

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudengelse woord "rād" (een reis te paard), verwant met het Oudengelse woord "rīdan " (rijden).
enkelvoud meervoud
road roads

Zelfstandig naamwoord

road

  1. straat, rijksweg, straatweg, weg
  2. (figuurlijk) koers, weg
  3. (scheepvaart) rede
  4. (mijnbouw) transporttunnel (in een mijn)
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [1]: on the road
en route, op reis, onderweg, op weg
  • [2]: down the road
in de toekomst, op een later tijdstip


Nedersaksisch

Zelfstandig naamwoord

road

  1. raad