reeks

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • reeks
enkelvoud meervoud
naamwoord reeks reeksen
verkleinwoord (reeksje) (reeksjes)

Zelfstandig naamwoord

reeks v/m

  1. een opeenvolgende rij van gebeurtenissen
    De reeks moorden maakte de mensen erg bang.
  2. (wiskunde) een opeenvolgende rij van getallen
    Rekenen met reeksen is meestal niet eenvoudig.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord reeks reekse

Zelfstandig naamwoord

reeks

  1. (wiskunde) reeks