pike
Uiterlijk
- via Middelengels pyke van Angelsaksisch pīc "puntig voorwerp, pikhouweel"; cognaat met piek
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| pike | pikes |
pike
- scherpe punt
- (militair) piek, lange staaf met een scherpe punt, gebruikt door infanteristen
- (straalvinnigen) snoek
- (landbouw) opper, spits toelopende stapel waarin hooi op het land kan drogen
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to pike |
| he/she/it | pikes |
| verleden tijd | piked |
| voltooid deelwoord |
piked |
| onvoltooid deelwoord |
piking |
| gebiedende wijs | pike |
pike
- overgankelijk steken met een piek
Categorieën:
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 4
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Woorden in het Engels met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Militair in het Engels
- Straalvinnigen in het Engels
- Vissen in het Engels
- Landbouw in het Engels
- Werkwoord in het Engels
- Overgankelijk werkwoord in het Engels