persoonlijkheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • per·soon·lijk·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord persoonlijkheid persoonlijkheden
verkleinwoord persoonlijkheidje persoonlijkheidjes

Zelfstandig naamwoord

persoonlijkheid v

  1. het geheel van kenmerken en gedragingen dat iemand uniek maakt
    • Hij is een heel vriendelijke persoonlijkheid. 
     Ieder met jullie geheel eigen persoonlijkheid, stijl, ritme, gevoel en dromen.[1]
     Een andere optie die hij noemt is de zogeheten multifunctionele landbouw: het aantal dieren op je boerenbedrijf verminderen en combineren met een andere dienst. Denk aan kamperen op het erf van een boer, of een kinderopvang bij de boerderij. "Maar of dat mogelijk is, hangt af van waar je zit en de persoonlijkheid van de boer. Niet iedereen zit op een kinderopvang op z'n erf te wachten", aldus de onderzoeker.[2]
  2. iemand die bekend is door [1] bij een groter publiek
    • Dit zijn persoonlijkheden die stempel gedrukt hebben op een hele generatie. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 25 juni 2022 Weblink bron “Deze opties hebben boeren om minder stikstof uit te stoten” (25 juni 2022), NU.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be