oudheidkundige
Uiterlijk
- oud·heid·kun·di·ge
- Afgeleid van oudheidkundig met het achtervoegsel -e
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | oudheidkundige | oudheidkundigen |
| verkleinwoord | oudheidkundigetje | oudheidkundigetjes |
- (beroep) iemand die archeologie heeft gestudeerd
oudheidkundige
- verbogen vorm van de stellende trap van oudheidkundig
- Het woord oudheidkundige staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.