onwetendheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·we·tend·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord onwetendheid onwetendheden
verkleinwoord onwetendheidje onwetendheidjes

Zelfstandig naamwoord

onwetendheid v

  1. afwezigheid van kennis bij iemand
    • Onwetendheid kan ontstaan door een gebrek aan scholing, door een gebrek aan verstand of door een combinatie van beiden. 
Synoniemen
  1. onkunde, domheid, ignorantie

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.
Vertalingen

Meer informatie