noemer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • noe·mer
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van noemen met het achtervoegsel -er. Dit is een leenvertaling van de Latijnse benaming denominator.
enkelvoud meervoud
naamwoord noemer noemers
verkleinwoord noemertje noemertjes

Zelfstandig naamwoord

noemer m

  1. (wiskunde) het getal onder de streep van een breuk
Antoniemen
Vertalingen

Meer informatie