naaldwoud

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • naald·woud
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord naaldwoud naaldwouden
verkleinwoord naaldwoudje naaldwoudjes

Zelfstandig naamwoord

naaldwoud o

  1. (biologie) een groot bos bestaande uit naaldbomen
    • De grond in een naaldwoud bestaat meestal uit een dikke laag naalden. 
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie