martelaar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mar·te·laar
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord martelaar martelaars
martelaren
verkleinwoord martelaartje martelaartjes

Zelfstandig naamwoord

martelaar m [1]

  1. iemand die voor een goede zaak lijdt of sterft en daarmee tot symbool wordt gezien van de strijd voor die zaak, iemand die gemarteld wordt of is
    • De martelaar pleegde zelfmoord voor zijn geloof. 
  2. iemand die anderen martelt
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen