lor
Uiterlijk
- lor
- herkomst onduidelijk, wellicht verwant met leuren ww , loer zn en luier zn / luur zn ; in de betekenis van ‘vod’ aangetroffen vanaf 1625 [1] [2] [3]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | lor | lorren |
| verkleinwoord | lorretje | lorretjes |
- oude lap
- waardeloos voorwerp
- opzettelijke misleiding
- [1] vod
- [2] prul
- [3] bedriegerij, bedrog
| vervoeging van |
|---|
| lorren |
lor
- Het woord lor staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "lor" herkend door:
| 84 % | van de Nederlanders; |
| 76 % | van de Vlamingen.[4] |
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ lor op website: Etymologiebank.nl
- ↑ "lor" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 3
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 1 lettergreep in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 84 %
- Prevalentie Vlaanderen 76 %