kapster

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kap·ster
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kapster kapsters
verkleinwoord kapstertje kapstertjes

Zelfstandig naamwoord

kapster v

  1. (beroep) vrouwelijke kapper
    • Veel meisjes willen kapster worden van beroep. 
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen