horizontaal

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ho·ri·zon·taal
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen horizontaal horizontaler horizontaalst
verbogen horizontale horizontalere horizontaalste
partitief horizontaals horizontalers -

Bijvoeglijk naamwoord

horizontaal

  1. in de richting die haaks staat op die van de zwaartekracht van de aarde
    • De aardbeving leidde tot een horizontale verschuiving van meer dan een meter. 


Bijwoord

horizontaal

  1. in de richting die haaks staat op die van de zwaartekracht van de aarde
     We praatten de hele dag en hij leerde me hoe ik veilig een gevaarlijke sneeuwbrug over kon steken door mijn wandelstokken horizontaal te houden voor het geval de sneeuw onder me wegviel en ik in de overdekte ijsrivier terecht zou komen.[2]


Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. horizontaal op website: Etymologiebank.nl
  2. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be