give

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • gi·ve
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse werkwoord habere (hebben) via het Oudnoorse woord gefa.
stamtijd
onbepaalde
wijs
tegenwoordige
tijd
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
give
giver
gav
givet
volledig

Werkwoord

give

  1. [1]: geven
Antoniemen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [1]: give sig til kende
1. openbaren, zich te kennen geven
2. blijken, opdagen
  • [1]: give til kende
ter kennis brengen, kond doen


Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudengelse given.
vervoeging
onbepaalde wijs to give
he/she/it gives
verleden tijd gave
voltooid
deelwoord
given
onvoltooid
deelwoord
giving
gebiedende wijs give

Werkwoord

give

  1. geven
Uitdrukkingen en gezegden