faya

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

faya m

  1. (spreektaal) rotzooi, troep, chaos
    «Je viens foutre le faya, je crache des flammes comme un dragon, ils auront le feu car ils ont semé la haine, nique le système!»
    Ik kom rotzooi trappen, ik spuw vlammen als een draak, ze zullen vuur krijgen want ze hebben haat gezaaid, weg met het systeem! [1]

Bijvoeglijk naamwoord

faya

  1. (spreektaal) stoned, high [1]
  2. (spreektaal) dronken
    «Charles, il est toujours faya
    Charles, die is altijd lazarus. [1]
  3. (spreektaal) doodmoe [1]

Verwijzingen


Surinaams

Zelfstandig naamwoord

faya

  1. vuur