erkentelijk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • er·ken·te·lijk
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen erkentelijk erkentelijker erkentelijkst
verbogen erkentelijke erkentelijkere erkentelijkste
partitief erkentelijks erkentelijkers -

Bijvoeglijk naamwoord

erkentelijk

  1. iemand dankbaar zijn omdat hij je geholpen heeft of iets goeds voor je gedaan heeft.
    • Het erkentelijke volk richtte een standbeeld op voor de belangrijke leider. 

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.

Verwijzingen