embrasser

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van bras arm, met het voorvoegsel en- en met het achtervoegsel -er. [1]
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
embrasser
embrassais
embrassé
eerste groep volledig

Werkwoord

embrasser

  1. omhelzen, omarmen
  2. knuffelen
  3. kussen, zoenen

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 18 januari 2021 Weblink bron embrasser in: TLFi, Le Trésor de la langue française informatisé (1971–1994) op cnrtl.fr