discipline

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dis·ci·pli·ne
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘tucht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1265 [1]
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘vak’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1961 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord discipline disciplines
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

discipline v

  1. gehoorzaamheid aan voorschriften, bevelen of regels
    • Er heerst een strakke discipline in het Korps Mariniers. 
  2. tak van wetenschap, kunst of sport
Synoniemen
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen