dierenkooi

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Vizsla puppies cage.jpg

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • die·ren·kooi
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dierenkooi dierenkooien
verkleinwoord dierenkooitje dierenkooitjes

Zelfstandig naamwoord

dierenkooi v/m

  1. (veeteelt) een rondom met gaas of rasterwerk afgesloten loop- en/of leefruimte voor dieren
    • Een tijger is uit de dierenkooi ontsnapt. 
Verwante begrippen

Gangbaarheid