brudd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • brudd
Woordherkomst en -opbouw
  • Ontleend aan het Deense zelfstandige naamwoord brudd
Naar frequentie 3812
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   brudd     bruddet     brudd     brudda
bruddene  
genitief   brudds     bruddets     brudds     bruddas
bruddenes  

Zelfstandig naamwoord

brudd, o

  1. breuk
  2. (figuurlijk) afbreuk, breuk
  3. overtreding
  4. groeve
Schrijfwijzen
Synoniemen
Afgeleide begrippen