bewonderen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·won·de·ren
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘eerbied hebben’ voor het eerst aangetroffen in 1827 [1]
  • afgeleid van wonderen met het voorvoegsel be- [2]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bewonderen
bewonderde
bewonderd
zwak -d volledig

Werkwoord

bewonderen

  1. overgankelijk bekijken met respect, iets zo goed vinden dat je het haast een wonder vindt
    • De jongen bewonderde zijn vader. 
     Ik hou van je. Ik bewonder je. Je bent zo sterk. In mijn wereld dringt geen geluid meer door.[3]
  2. iets heel mooi vinden
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen