bemiddelaar
Uiterlijk
- Geluid: bemiddelaar (hulp, bestand)
- IPA: / bə'mɪdəlar / (4 lettergrepen)
- be·mid·de·laar
- Naamwoord van handeling van bemiddelen met het achtervoegsel -aar [1][2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bemiddelaar | bemiddelaars |
| verkleinwoord | bemiddelaartje | bemiddelaartjes |
de bemiddelaar m
- tussenpersoon (intermediair) die partijen tot elkaar probeert te brengen
|
|
- Het woord bemiddelaar staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "bemiddelaar" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ bemiddelaar op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -aar in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 98 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %