banneling

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ban·ne·ling
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord banneling bannelingen
verkleinwoord bannelingetje bannelingetjes

Zelfstandig naamwoord

banneling m

  1. iemand die verbannen is
    • De Dalai Lama verblijft als banneling in India. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders
94 % van de Vlamingen.

Meer informatie