apennootje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • apen·noot·je
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord
verkleinwoord apennootje apennootjes

Zelfstandig naamwoord

apennootje o dim. tant.

  1. (voeding) nootjes waarmee apen graag verwend worden: pinda's
Synoniemen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

apennootje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord apennoot

Gangbaarheid

84 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.