allofoon
Uiterlijk
- al·lo·foon
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | allofoon | allofonen |
| verkleinwoord | allofoontje | allofoontjes |
de allofoon m
- (fonologie) een alternatieve vorm die een spraakklank in een bepaalde fonologische context aanneemt, zonder dat dit enig verschil in betekenis met zich meebrengt (i.t.t. een foneem)
- Als een bepaalde klank voorspeld kan worden door de omgeving waarin die klank voorkomt, dan is die klank wellicht een variant of allofoon.
1.
- Het woord allofoon staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "allofoon" herkend door:
| 19 % | van de Nederlanders; |
| 24 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ allofoon op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Voorvoegsel allo- in het Nederlands
- Achtervoegsel -foon in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Fonologie in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 19 %
- Prevalentie Vlaanderen 24 %