-foon

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: foon
Huidig
bestand
40


Woordafbreking
  • -foon
Woordherkomst en -opbouw

Achtervoegsel

-foon [2]

  1. m een instrument of apparaat dat een geluid of trilling (in het audiogebied) kan produceren b.v. saxofoon (geluid)
  2. m een instrument of apparaat dat een geluid of trilling (in het hoorbare frequentiegebied) kan registreren b.v. geofoon (trilling)
  3. m een instrument of apparaat dat een geluid of trilling (in het geluidsgebied) kan produceren en registreren b.v. echofoon (trilling), telefoon (geluid)
  4. bijv. naamw. ter aanduiding van het produceren van geluid (b.v. een gesproken taal) b.v. afoon, anglofoon, francofoon
Verwante begrippen
Hyponiemen

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal