agressief

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • agres·sief
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘aanvallend’ voor het eerst aangetroffen in 1847 [1]
  • afgeleid van agressie met het achtervoegsel -ief
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen agressief agressiever agressiefst
verbogen agressieve agressievere agressiefste
partitief agressiefs agressievers -

Bijvoeglijk naamwoord

agressief

  1. aanvallend, geneigd om aan te vallen, conflictueus
    • Het elftal had een agressieve instelling. 
  2. andere stoffen of weefsels aantastend
    • dit is agressief spul, zeg 
  3. zich snel verspreidend, snel groeiend, kwaadaardig
    • dit is een agressieve vorm van kanker 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen