aanvallend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·val·lend

Werkwoord

vervoeging van
aanvallen

aanvallend

  1. onvoltooid deelwoord van aanvallen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.