aftrekking

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·trek·king
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aftrekking aftrekkingen
verkleinwoord aftrekkinkje aftrekkinkjes

Zelfstandig naamwoord

aftrekking v

  1. (wiskunde) rekenkundige bewerking waarbij een getal van een ander getal afgetrokken wordt
    • Probeer deze aftrekking nog maar eens. 
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie