actief

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ac·tief
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van actie met het achtervoegsel -ief
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen actief actiever actiefst
verbogen actieve actievere actiefste
partitief actiefs actievers -

Bijvoeglijk naamwoord

actief

  1. (druk) met iets bezig zijnde
    • Hoe vaak bent u actief op het WikiWoordenboek? 
    • Veel mensen houden van een actieve vakantie waarin ze bewegen en een grote hoeveelheid culturele activiteiten ondernemen. 
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Bijwoord

actief

  1. op actieve wijze
    • Tevens beschrijft het artikel op welke onderwerpen bewust en actief gestuurd moet worden om structurele verbeteringen door te kunnen voeren. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie