achteruitrijden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
achteruitrijden
reed achteruit
achteruitgereden
klasse 1 volledig
Woordafbreking
  • ach·ter·uit·rij·den
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

achteruitrijden [1]

  1. (verkeer) (onovergankelijk) rijden in achterwaartse richting
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal